Reinigingswerkzaamheden
Wat is mogelijk
Ik streef naar het aanbieden van een zo breed mogelijk pakket aan reinigingswerkzaamheden. Bij stallenreiniging alleen houdt het niet op! Indien u bepaalde wensen heeft, denk ik graag met u mee over een oplossing.
Om u een idee te geven van de reinigingsmogelijkheden:
· Koeienstal, biggenafdeling, vleesvarkenstal, schapenstal, geitenstal, paardenstal
· Strohokken
· Jongveeafdeling
· Kalveriglo’s en eenlingboxen
· Afkalfstal
· Melkstal
· Tanklokaal
· Hygiënesluis
· Loodsen en gebouwen
· Damwand gevelbeplating
· Erf
· Trekker en werktuigen

Beton en ligboxafscheidingen laten zich met warm water makkelijk reinigen
Waarom hygiëne bij melk- en jongvee belangrijk is
De meeste veehouders zijn het er wel over eens; dieren in een schone stal gaan gezonder door het leven. Natuurlijk moeten dieren weerstand opbouwen, maar dan wel geleidelijk. De weerstand van een kalf groeit door de biest die het krijgt. De infectiedruk kan geleidelijk stijgen en de weerstand groeit mee. Wanneer dit niet in de juiste verhouding is, kan het kalf bijvoorbeeld diarree of longproblemen krijgen.
Door dieren te huisvesten in schone stallen met een lage infectiedruk, kunnen problemen worden voorkomen. Iedere veehouder weet dat er meer bij komt kijken dan alleen stallen schoonspuiten en af en toe desinfecteren, maar hygiënisch werken kan de basis vormen van een gezonde veestapel.
Hieronder is beschreven op welke wijze een goede stalhygiëne bij kan dragen aan het voorkomen en/of beperken van ziekten.
Een afkalfstal die met regelmaat ontsmet wordt, vermindert de risicos op:
- Paratbc
- Salmonella
- Coccidiose
- Cryptosporidiose
- E-Coli
- Acute baarmoederontsteking, witvuilen
- Vliegenoverlast
Een jongveeafdeling herhaaldelijk desinfecteren vermindert de risicos op:
- Salmonella
- Coccidiose
- Cryptosporidiose
- E-coli
- Vliegenoverlast
Een schone kalveriglo/ eenlingbox vermindert de risicos op:
- Salmonella
- Cryptosporidiose
- Rota-virus
- E-coli
- Vliegenoverlast
Een gereinigde hygiënesluis verlaagt het risico op:
- Paratbc

Feiten van dierziekten bij melk- en jongvee in relatie tot hygiëne
Salmonella.
Een met salmonella besmet dier scheidt vrijwel direct 1 tot 3 weken de bacterie uit. Voornamelijk dieren tussen 3 weken en 3 maanden oud zijn vatbaar. Hoewel de bacterie meestal verspreid wordt door direct contact tussen de dieren, kan de bacterie wel 2 maanden in mest of water overleven. Dragers kunnen de bacterie via de mest blijven verspreiden.
Acute baarmoederontsteking, witvuilen en aan de nageboorte blijven staan.
Dit kan beperkt worden door hygiëne rond het afkalven. Een schone afkalfstal is daarom belangrijk.
Coccidiose.
Deze parasiet komt op ieder rundveebedrijf voor en ieder kalf krijgt hier tijdens de opfok mee te maken. Op veel bedrijven is de infectie zo groot dat het gepaard gaat met diarree. Via de bek neemt een kalf oöcysten (eitjes) van de coccidiose parasiet op. Vervolgens scheidt het kalf zelf ook een hoeveelheid oöcysten uit. Deze zijn moeilijk te bestrijden en kunnen tot wel 1,5 jaar infectieus blijven. De oöcysten kunnen zeer goed tegen droogte, kou en de meeste desinfectiemiddelen. Heet water (boven 60 graden) en een ammoniakoplossing (middel: Oo-cide®) doden de oöcysten wel.
Cryptosporidiose.
Deze parasiet komt voor bij alle zoogdieren. Wanneer een teveel aan oöcysten wordt opgenomen door een kalf, ontstaat in de eerste maand diarree. Zo’n 20% van de gezonde koeien scheidt cryptosporidiose parasieten uit, met een piek tijdens het afkalven. Het kalf dat een teveel aan deze oöcysten heeft binnen geregen, zal in de eerste dagen (1 tot 13) ook een grote hoeveelheid uitscheiden. De voor bijna alle desinfectiemiddelen resistente oöcysten, zijn door een hygiënisch management terug te dringen.
E-Coli.
Probeer de infectiedruk van E-coli laag te houden. Zeker rondom het afkalven is hygiënisch werken heel belangrijk. Ook eenlingboxen/iglo’s schoonspuiten en eventueel ontsmetten kan een belangrijke bijdrage leveren bij het laag houden van de infectiedruk.
Vliegenbestrijding.
De kleine steekvlieg legt haar eitjes in mest. De stal schoonhouden kan de hoeveelheid vliegen beperken en zo de overlast terugdringen.
Paratbc.
Een pasgeboren kalf kan al worden besmet door een kleine opname van mest. Een met paratbc besmet dier kan vanaf een leeftijd van 2 jaar de bacterie verspreiden. Dieren tot 1 jaar oud zijn vooral gevoelig voor besmetting. De bacterie kan meer dan een jaar overleven buiten het dier. Bijvoorbeeld in mest.